De noodzaak van Bitcoin. ‘Let op! Geld sparen kost geld.’

Column – We kennen allemaal de waarschuwing wel: ‘Pas op! Geld lenen kost geld’. Echter is het paradigma in de financiële markt aan het veranderen. Tijd om eens na te denken over deze situatie. Wat is geld eigenlijk? En is het niet juist het sparen van geld dat geld kost?

Disclaimer: Dit is geen beleggingsadvies.

Geld is waarde(loos)

Voordat we kijken naar wat meer ins en outs van geld, is het beter om eerst een stapje extra terug te doen. Want geld verdien je over het algemeen als loon of salaris omdat je een klusje, taak of opdracht voltooid. Of het nu een uurloon of een royalty is: je ruilt jouw tijd in voor geld.

Als er twee dingen zijn die we in onze haastige wereld onderschatten, zijn het tijd en vrijheid. Je gaat het beide pas missen als je er tekort aan hebt. Tijd en vrijheid hebben waarde.

Tijd is kostbaar en schaars. Je gaat het niet terugkrijgen en je kunt het niet bijmaken. Daarom moeten we dit op waarde inschatten. Waar ruilen we deze waardevolle tijd voor om? Zo is de cirkel weer rond: geld.

We mogen dus voorzichtig wel stellen dat we onze waardevolle tijd het beste kunnen inruilen voor iets dat minstens zo waardevol is. Als je meer dan 40 uur per week werkt, dan ruil je zomaar meer dan 20% van jouw leven in voor euro’s.

De tijdsgeest van geld

De wisseling van tijd voor geld lijkt alleen maar noodzakelijker en belangrijker te worden. We werken met ons allen bijna meer dan ooit te voren. We lijken het als maar drukker te krijgen.

Als ik er zo over nadenkt, is het voor mij duidelijk. Ik wil mijn tijd graag inruilen voor iets dat het ook echt waard is. Daarbij wil ik direct een pas op de plaats maken. Is de euro het eigenlijk wel waard om mijn tijd voor in te ruilen? En ik ben zeker niet de enige met deze gedachte. Wereldwijd zijn er steeds meer mensen die hierover beginnen te twijfelen. Hoe sterk is de dollar? Hoe zit het met koopkracht, inflatie, de CPI en dergelijke.

Michael Saylor, de CEO van MicroStrategy, verwoordde het heel mooi. “Ons vermogen op de bankrekening is als een smeltend ijsklontje. Het wordt als maar kleiner als je niets doet.” Ik sluit mij hier graag bij aan.

Hij doelde daarmee niet op het afnemend numerieke getal, als gevolg van uitgaven en kosten. Nee, hij doelde op de afnemende koopkracht en de toenemende prijzen. Is één euro die je vandaag verdient, nog wel even veel waard als je deze over vijf jaar uitgeeft? Ik neig te antwoorden met: nee.

1. De hamburger index

Geld devalueert. Ken je de euroknallers nog? Uit de tijden dat je hamburgers kon kopen voor één euro? Die tijden liggen inmiddels al weer achter ons.

Zijn brood en vlees moeilijker geworden om te produceren? Of zijn we met ons allen minder productief en hebben we meer tijd nodig om diezelfde hamburger te maken? Zijn we in de loop der jaren minder efficiënt geworden? Nee, dat is het allemaal niet. Het is de rekeneenheid die ons voor de gek houdt. Een hamburger is niet duurder. De euro is goedkoper.

Leestip: de Big Mac Index.

2. De vastgoed bubbel

Het zelfde geldt voor vastgoed. 40 jaar terug kon je als eenverdiener een huis kopen van 150.000 gulden. Nu koop je als tweeverdiener eenzelfde huis voor 300.000 euro. Zie je de twee uitersten?

  • eenverdiener ⟷  tweeverdiener
  • 150.000 ⟷ 300.000
  • gulden ⟷ euro (met dus een ‘gunstige’ wisselkoers)

Is het duurder geworden om een huis te bouwen? Is het kostbaarder geworden om bakstenen te produceren? Nee, het is de rekeneenheid die ons voor de gek houdt.

Huizen werden in augustus maar liefst 8% duurder, meldde RTL deze maand. Daarnaast ligt de gemiddelde woningprijs volgens het CBS nu zo’n 51 procent (!) hoger dan tijdens het dieptepunt ruim 7 jaar geleden.

3. De aandelen bubbel

Maar het is niet alleen de vastgoedmarkt waarin de bubbel vol aanwezig is. Ook in de aandelenmarkt gaat het los. Kijk alleen maar naar de S&P500, de Amerikaanse index van de grootste aandelen. Waar we op dit moment nog middenin de coronacrisis zitten, bereikte de index in begin september het hoogste punt OOIT!

Het mag duidelijk zijn dat Wall Street overduidelijk niet representeert wat er op Main Street gebeurt. Hoe kan dit toch? Terwijl het bedrijfsleven het zwaar heeft, piekt de aandelenmarkt naar een hoogtepunt.

Schaarse goederen

We werken harder, meer en langer om hetzelfde te kunnen kopen. Tegelijkertijd zitten we in één grote bubbel Of zoals Bitcoin-denker Tuur Demeester al eens zei: ‘We zitten in een everything bubbel’.

Hoe kan dit toch? Het antwoord zit het in schaarste. Het geld gaat op zoek naar naar schaarse dingen. Zo ontstaan er bubbels zoals bij aandelen en vastgoed. De goudprijs bereikte dit jaar de hoogste prijs ooit, van boven de $2.000 per ounce. Maar het geld vloeit ook naar een digitaal schaars goed. Naar Bitcoin. Daarover later meer.

Eerst weer even terug naar de euro. Want is één euro die je vandaag verdient, nog wel dezelfde euro als je die over vijf jaar uitgeeft?

Centrale banken doen er alles aan om de economie op gang te houden. De meest bekende tools die ze daarvoor inzetten zijn opkoopprogramma’s, repo’s, lagere rentes en het befaamde quantitative easing (QE).

De Bank of England overweegt zelfs negatieve rentes en ook de Federal Reserve zet de rente tot minimaal 2023 tegen de 0% aan. Tegelijkertijd loopt de balans van de centrale bank bijna in een rechte lijn op.

Onderstaande tweet laat het mooi zien. In crisis van 2008 schoot de voorraad M1 geld ineens de lucht in. In 2020 gaat het nog eens een flink harder. De wereld wordt momenteel overspoeld met extra geld. Het geld is bedoeld om de boel weer op gang te brengen. Is dit houdbaar?

Om terug te komen op de eerder beschreven bubbels (van vastgoed en aandelen): er komt dus simpelweg meer/nieuw geld in de economie. Dit zoekt vervolgens zijn weg naar veilige havens. Waar dit nieuwe geld moet zorgen voor extra consumptie en uitgaven, komt het terecht juist bij onprintbare activa.

Tegelijkertijd heeft dit een heel simpel gevolg: inflatie. Als er meer geld is om evenveel spullen van te kopen, gaat de waarde van dit geld omlaag. En de prijzen van alle activa omhoog. Of dit nu een huis, aandeel, goud, zilver of Bitcoin is.

Let op: ‘geld sparen kost geld’

Zo komen we weer terug bij waar we begonnen. Momenteel staan de rentetarieven zo laag dat het nauwelijks geld kost om te lenen. Zou je daarom niet kunnen stellen dat sparen juist geld kost?

Door geld te bewaren, verlies je koopkracht. Of erger nog: het kost nu geld om het te bewaren. En daarbij snijdt het mes aan twee kanten. Aan de ene kant heb je te maken met de genadeloze inflatie en geldontwaarding. Aan de andere kant moet je bij negatieve rentes zelfs aan de bank gaan betalen om een deel van jouw vermogen te bewaren.

Het enige dat je doet? Tijd die je ooit hebt ingeruild voor geld bij de bank bewaren. Het ergste is zelfs dat je er dus niets voor hoeft te doen, om slachtoffer te worden.

Je raakt dus aan twee kanten koopkracht kwijt, door het geld alleen maar te bewaren. De oplossing? Het geld dan maar uitgeven in plaats van opsparen. En dat is precies de bedoeling van het huidige beleid. Want alleen op die manier komt de economie weer op gang. Althans, dat is de gedachtegang van de banken.

Hierbij komt het verhaal van Saylor al in iets meer perspectief. Zoals hij zei: “Ons vermogen op de bankrekening is als een smeltend ijsklontje. Het wordt als maar kleiner als je niets doet.”

De Amerikaanse centrale bank heeft eerder deze maand laten weten dat het prima is als de inflatie boven de 2% komt.

Bedenk daarbij je het volgende: je hebt vandaag de dag $100.000 hebt en wilt dit bewaren. Het verliest ieder jaar 2% van de waarde. Dan heb je over 20 jaar nog maar de koopkracht over van ruim $66.000 over. Enkel door het te bewaren.

Dit is de reden dat Saylor met zijn bedrijf MicroStrategy voor $425 miljoen aan Bitcoin kocht. Hij wilde niet dat zijn vermogen als een ijsklontje gaat smelten. Hij denkt vooruit en ziet de dollar niet meer als Primary Reserve Asset.

Bitcoin

Maar waarom dan Bitcoin? Saylor ruilt zijn miljoenen dollars natuurlijk niet zomaar in voor Bitcoin. Het is een inkoppertje: Bitcoin is wel schaars, waar de dollar dat niet is. De voorraad van Bitcoin is niet op te rekken door een centrale bank. En bij Bitcoin heb je ook niet te maken met een bank die negatieve rente rekent om daar  jouw vermogen te stallen.

De inflatie in Bitcoin zit in het protocol gebeiteld. We weten exact hoeveel BTC er in omloop komen, namelijk 21 miljoen. Maar we weten ook wanneer en hoe dit precies gebeurt, namelijk iedere ~10 minuten met een halvering iedere vier jaar. Momenteel is de inflatie in Bitcoin 1,8% en dit getal zal in 2024 halveren naar 0,9%.

Investeerders die het smeltende ijsblokje zien, zetten momenteel hun geld in aandelen of vastgoed. Deze activa zijn namelijk – net als Bitcoin – niet te printen. Het nadeel: deze assets zijn niet bedoeld als geld. Een huis is niet bedoeld als manier om vermogen op te slaan, en dat doet de woningmarkt weinig goeds. Op deze manier ontstaan er bubbels. Op deze manier worden huizen in 7 jaar tijd zomaar 51% duurder.

Tijd en geld

En zo komen weer terug bij het begin. Waar werk je voor? Waar ruil jij je schaarse tijd voor in? Als ik vandaag de dag werk en een vergoeding krijg, is die vergoeding over tientallen jaren bij mijn pensioen nog steeds evenveel waard?

Is één euro die je vandaag verdient, nog wel dezelfde euro als je die over vijf jaar uitgeeft? Is de tijd die je vandaag inruilt voor geld, om dat te gaan sparen niet zonde van deze kostbare tijd?

Je zult vragen krijgen als: ‘1 euro is toch gewoon 1 euro?’ Maar dat is nu precies het punt. Is dat wel zo? Worden de producten om ons heen duurder, of wordt de euro goedkoper?

Of: we leven nu ook veel luxer dan veertig jaar geleden. Maar staat hier niet tegenover dat de productiviteit enorm is toegenomen? We kunnen nu veel meer produceren in dezelfde tijd als vroeger. In de middeleeuwen maakte een bakker bij wijze van spreken nog 50 broden per dag. Nu zijn dat er duizenden.

Terwijl de productiviteit toe blijft nemen door efficiëntere machines, tooling en dergelijke, profiteren we hier niet meer van. Onderstaande afbeelding van WTFhappenedin1971 laat dit mooi zien.

En wat gebeurde er in 1971? Juist! Toen is de goudstandaard losgelaten. Sindsdien is geld niet meer gedekt door met meest schaarse fysiek goed van onze wereld. Geld werd in 1971 printbaar.

Het gevaar en gevolg is dat het ijsklontje heel langzaam smelt. Je merkt het niet als je er niet op let. Helemaal niet als dit jaren in beslag neemt. Het voordeel? Je hebt dus tijd genoeg om je in te lezen in alternatieven. Er zijn manieren te bedenken om je te hedgen, met goud, zilver of misschien wel Bitcoin.

Disclaimer: Bitcoin Magazine NL biedt géén financieel advies. De artikelen zijn bedoeld voor educatieve doeleinden. 

Mis niks meer!
Invalid email address

Snel en gemakkelijk

Maak een gratis account aan bij Coinmotion en betaal slechts 0,1% commissie voor jouw bitcoin in de eerste maand.

Maak nu een gratis account aan!