374
Let op: Dit artikel is uitsluitend bedoeld ter informatie en vormt geen financieel advies. Cryptoactiva zijn volatiel en je kunt je volledige inleg verliezen.
Het Amerikaanse ministerie van Financiën heeft op 29 juli 2026 twee Iraanse maritieme bedrijven gesanctioneerd die bitcoin en andere digitale activa inzetten om westerse sancties te omzeilen. Een van de twee, HormuzSafe Marine Services Authority, bood scheepseigenaren ‘digitale verzekeringen’ aan voor doorvaart door de Straat van Hormuz – betaalbaar in bitcoin. Wat begon als een gemeld Iraans ministerie-project, eindigt nu op de SDN-lijst van OFAC.
Hoe HormuzSafe werkte: bitcoin als betaalmiddel buiten SWIFT
Volgens de officiële OFAC-aankondiging van 29 juli heeft het Amerikaanse ministerie van Financiën HormuzSafe Marine Services Authority en de Persian Gulf Marine Insurance Company (PGMIC) aangewezen als entiteiten die opereren in de financiële sector van de Iraanse economie. Beide bedrijven zouden integraal onderdeel zijn van een door het Islamitisch Revolutionair Gardekorps (IRGC) gesteunde afpersingsconstructie.
HormuzSafe adverteerde zichzelf als een digitale verzekeraar die ‘vertrouwde maritieme diensten’ aanbood – inclusief verkeersbegeleiding, beveiliging en noodhulp – aan schepen die de Straat van Hormuz wilden passeren. Het platform accepteerde premiebetalingen in bitcoin en andere digitale activa, expliciet om buiten SWIFT, dollarclearing en traditionele bankverzekeringen te opereren.
PGMIC, opgericht door de Centrale Verzekeringsautoriteit van Iran, verzorgde de polissen die door de eerder gesanctioneerde Persian Gulf Strait Authority (PGSA) werden goedgekeurd. De PGSA was al op 27 mei 2026 aangewezen op basis van Executive Order 13224 wegens materiële steun aan de IRGC.
OFAC: bitcoin vermindert het sanctierisico niet
De sanctie-actie volgt op een eerder OFAC-waarschuwing van 1 mei 2026, waarin het bureau al stelde dat betalingen met digitale activa gerelateerd aan Hormuz-doorvaart tot sanctieblootstelling kunnen leiden. OFAC was expliciet: het gebruik van crypto vermindert het juridische risico voor scheepvaartbedrijven, financiële instellingen, verzekeraars of tegenpartijen niet.
Eerder in april had de VS al circa 344 miljoen dollar aan USDT bevroren dat gelinkt was aan Iran. Dat Tether als gecentraliseerde stablecoin adressen kan blokkeren, maakt bitcoin aantrekkelijker voor sanctie-ontwijking – het netwerk kent geen centrale uitgever die wallets kan bevriezen. Toch laat de HormuzSafe-casus zien dat het gebruik van bitcoin als betaalinstrument de juridische blootstelling niet wegneemt.
Voor de bredere context: vergelijkbare sanctie-acties tegen crypto-platforms die internationale restricties omzeilen zijn ook vanuit Europa in opmars, zoals te zien bij het 21e EU-sanctiepakket dat platforms als HTX en EXMO trof.
Schaduwvloot en acht extra bedrijven gesanctioneerd
Naast HormuzSafe en PGMIC sanctioneerde OFAC tegelijkertijd acht scheepvaartbedrijven en identificeerde acht tankers als geblokkeerd eigendom. Het gaat onder meer om de WELL SAIL, LILY, NATSUMI, CRYSTAL, NIRETA, YEHOPE, AL SALMI en BREEZE V – vaartuigen die miljoenen vaten Iraanse ruwe olie en petroleumproducten naar China en de VAE verscheepten.
Sinds begin 2026 heeft OFAC al meer dan honderd schepen gesanctioneerd die gelinkt zijn aan Irans schaduwvloot. Minister van Financiën Scott Bessent stelde dat de VS Iran niet zal toestaan de wereldhandel gegijzeld te houden of internationale scheepvaart te gebruiken om IRGC-operaties te financieren.
De Straat van Hormuz verwerkt ongeveer een vijfde van de mondiale oliehandel. De TRM Labs-schatting dat de IRGC dagelijks circa 20 miljoen dollar genereert via crypto-gerelateerde tolgelden en verzekeringsdwang, onderstreept de financiële schaal van het systeem. Hoe landen als Iran crypto inzetten voor buitenlandse handel en sanctie-omzeiling is een bredere trend die ook andere regio’s raakt, zoals eerder besproken in de context van Ruslands crypto-legalisering voor buitenlandse handel.

Wat dit betekent voor maritieme operators en crypto-compliance
Voor scheepseigenaren, P&I-clubs en banken is de boodschap duidelijk: elke interactie met HormuzSafe of PGSA-gelieerde verzekeringen wordt door OFAC beschouwd als equivalent aan directe transacties met IRGC-gerelateerde financiële entiteiten. Secundaire sancties kunnen ook niet-Amerikaanse bedrijven raken die via aan de VS gelieerde verzekeraars, banken of financiële tussenpersonen opereren.
OFAC dringt er bij maritieme bedrijven op aan schepen te controleren, te bepalen wie het transport heeft geregeld en vast te stellen of er aan Iran gelieerde vergoedingen zijn betaald of toegezegd. Betalingstransparantie en verificatie van walletadressen worden daarmee de kern van compliance – niet de keuze van betaalmiddel.
De HormuzSafe-casus laat zien dat OFAC bereid is actief op te treden tegen crypto-native sanctie-omzeilingstructuren en dat het ontbreken van publiek on-chain bewijs geen rem is op een formele designatie. Verdere publicatie van bitcoinadressen en transactiedetails wordt door compliance-analisten verwacht naarmate het onderzoek vordert.




